Zittenblijvers spijbelen vaker

Leerlingen uit het secundair onderwijs die een C-attest hebben gehaald spijbelen opmerkelijk vaker dan hun collega’s die geen schoolse achterstand hebben opgelopen. Dat blijkt uit cijfers die Vlaams Volksvertegenwoordiger Ann Brusseel (Open Vld) opvroeg bij minister van onderwijs Crevits. “Bij de zittenblijvers spijbelt gemiddeld 1 op 12 leerlingen. Bij de andere leerlingen is dat 1 op 120. Bij de zittenblijvers wordt dus 10 keer meer gespijbeld dan bij de niet-zittenblijvers. Deze cijfers tonen aan dat er meer maatregelen moeten komen om schoolmoeheid tegen te gaan, vooral bij de leerlingen die een achterstand hebben opgelopen.”

Het verband tussen spijbelen en de kans op een C-attest was al bekend. Wie teveel onwettig afwezig is, maakt het zichzelf moeilijk en loopt een groter gevaar om te blijven zitten. Ann Brusseel vroeg echter of het geven van een C-attest in de jaren nadien spijbelen tegengaat of in de hand werkt. “De cijfers van de minister tonen aan dat een C-attest geen rem betekent op spijbelen. 1 op 12 leerlingen die een C-attest hebben gekregen spijbelen het volgende schooljaar.”

Vooral in het beroepsonderwijs

Vooral in het BSO wordt er vaak gespijbeld. “Bij zittenblijvers in het beroepsonderwijs loopt het percentage op tot 16%. 1 op 6 leerlingen in het beroepsonderwijs, die het jaar voordien een C-attest hebben gekregen, spijbelt dus,” zegt Brusseel.

De cijfers tonen aan dat het louter geven van een C-attest om zo afwezige leerlingen “wakker te schudden”, niet werkt. “Er is nood aan bijkomende maatregelen en initiatieven om leerlingen die de school moe zijn, toch te motiveren. Vooral in het beroepsonderwijs moeten we leerlingen die dreigen af te haken opnieuw bij de les krijgen. Zij lopen immers een groot risico om zonder diploma de schoolbanken te verlaten, wat hun kansen op de arbeidsmarkt zwaar aantast. De hardnekkige spijbelaars hebben vaak een lang parcours van moeilijkheden achter de rug, hun C-attest is uiteraard niet het enige probleem. Maar feit is dat het zelden een oplossing is.”

Via deze link kunt u de parlementaire vraag aan minister Crevits terugvinden.

Ann Brusseel pleit voor een betere studiekeuzebegeleiding en voor een positieve benadering: op zoek gaan naar wat leerlingen boeit, naar hun interesses, is het noodzakelijke uitgangspunt van een degelijke oriëntering. Ook de aanpak van spijbelen die nu in Antwerpen gehanteerd wordt, werpt vruchten af. "Ik kijk uit naar de discussie die we hierover zullen voeren in de commissie onderwijs."