Vlaamse armoedecijfers zijn verontrustend!

De resultaten van het voortgangsrapport Vlaams Actieplan Armoedebestrijding zijn verontrustende. Daarom interpelleerde Ann Brusseel Minister van Armoedebestrijding Ingrid Lieten hierover.

De resultaten van het voortgangsrapport Vlaams Actieplan Armoedebestrijding zijn verontrustende. Daarom interpelleerde Ann Brusseel Minister van Armoedebestrijding Ingrid Lieten hierover.

Ann Brusseel: “In Vlaanderen leven 140.000 kinderen, en daarmee bedoel ik jonge mensen van 0 tot 17 jaar, met een verhoogd armoederisico. Dat betekent dat ze leven in een gezin met een inkomen van maximaal 1013 euro per maand in het geval van alleenstaande ouders of 2128 euro per maand in het geval van een gezin met twee kinderen. Het risico is het grootst bij niet-Europese allochtonen en éénoudergezinnen.

De kansarmoede komt het vaakst voor in de steden, in de centrumsteden Gent en Antwerpen. Ik vermeld daarbij ook Brussel. Uit prognoses van de Studiedienst van de Vlaamse Regering blijkt dat de bevolking in Vlaanderen tegen 2030 met 7 procent zal toenemen. Die groei zal zich vooral voordoen in Antwerpen en Gent, precies waar men al sterk af te rekenen heeft met armoede en met kinderarmoede. We riskeren dus nog meer kansarme kinderen.

Het beleid, dat nu achter de feiten aanholt, moet niet een tandje bij steken, maar heel veel tandjes. Het zal een stevige versnelling moeten zijn, anders haalt men het Pact 2020 niet. Dat zegt dat niemand nog een inkomen mag hebben onder de Europese armoedegrens. En eigenlijk is die al niet erg hoog, laten we eerlijk zijn.
Het VAPA werd goedgekeurd en is een gecoördineerd plan, dat concrete acties verlangt. Maar die acties zijn nog niet echt duidelijk.

Op 24 maart zou u een rondetafelconferentie organiseren om de problematiek met specialisten te bespreken. Dat moet uitmonden in een reeks acties, waarbij de ministers Vandeurzen, Bourgeois, Van den Bossche, Smet en Muyters worden betrokken.
Er was sprake van een actieplan om kinderarmoede van 0 tot 3 jaar te bestrijden. Eerlijk gezegd, ik vind dat te beperkt. Ik wil u niet overladen met alle zonden en problemen. Ik weet dat men ergens moet beginnen, maar de armoede is groter. Ik wil voor de 0- tot 3-jarigen ook een plan. Ik vind dat voorschoolse kinderopvang toegankelijk moet zijn. Dat blijkt nu gigantisch moeilijk. Maar ook op het vlak van onderwijs stellen zich uitdagingen. Ook daaraan moet worden gewerkt.

Minister, hebt u ondertussen een nieuw zicht op de dieperliggende oorzaken van armoede in Vlaanderen? Welke concrete acties zijn er precies afgesproken en met welk tijdspad? Welke acties wilt u nemen samen met minister Muyters om de mensen aan het werk te krijgen en te houden?

Hebt u al overleg gepleegd met de minister van Onderwijs, Pascal Smet? Daar wringt één en ander. De evaluatie van het GOK-decreet (gelijke onderwijskansen) wordt allang vooropgesteld en dat wordt altijd maar vooruitgeschoven. Hetzelfde geldt voor de evaluatie van de maximumfactuur. Die beperkt de mogelijkheden tot het organiseren van uitstappen en activiteiten in het onderwijs. Daarvan is iedereen een beetje de dupe. Maar de maximumfactuur is nog altijd geen toereikende oplossing voor de kosten gerelateerd aan onderwijs. De kostenbeheersing in het onderwijs moet worden besproken met de minister van Onderwijs, net als de gelijke onderwijskansen. Hebt u daarover overleg gepleegd? Zo ja, met welk resultaat? We blijven allang op onze honger.

De lokale besturen en de OCMW-besturen van de centrumsteden zouden u bepaalde adviezen en ervaringen kunnen overbrengen. Hebt u al met hen gepraat? Zo ja, met welk resultaat?

Niet minder belangrijk, maar misschien moeilijk momenteel, is de vraag naar overleg met het federale niveau. Als het gaat over sociale zekerheid, fiscaliteit of een arbeidsmarktbeleid dat globaal knelpunten wegwerkt, moet u op het federale niveau zijn.
Ik geef u een voorbeeld van een probleem dat u ook zou mogen aankaarten, zeker als vrouwelijke minister van armoedebestrijding. De meeste gescheiden alleenstaande moeders worden vroeg of laat geconfronteerd met armoede. Heel vaak is dat omdat ze hun alimentatie niet krijgen uitbetaald. Een alleenstaande moeder met een loon dat net 1000 euro bedraagt of meer krijgt van het Alimentatiefonds geen voorschot op de achterstallige of onbetaalde alimentatie. Wie durft te beweren dat iemand die kinderen heeft, met 1000 euro per maand moet rondkomen? Toch kunnen zij geen voorschot krijgen.”
 

Lees hier het volledig verslag van de discussie (interpellatie 131) in de commissie Welzijn, Volksgezondheid, Gezin en Armoedebeleid van 5 april 2011.