Sinterklaas snapt niets van girl-power

Naar aanleiding van een reclame van Albert Heijn over Sinterklaassnoepgoed voor meisjes en voor jongens lanceerde Hautekiet vorige week een oproep over speelgoed, die luidde als volgt: ‘Krijgt jouw zoon een pop en jouw dochter een werkbank?’ De producten die Albert Heijn aanbiedt zijn inderdaad zo stereotiep en cliché dat zelfs een rasechte conservatief zou toegeven dat ze van weinig creativiteit getuigen. Neem bijvoorbeeld ‘meisjesmarsepein’ in de vorm van lippenstift en hoge hakken (voor kinderen sowieso al een bedenkelijke keuze), en ‘jongensmarsepein’ in de vorm van een voetbaloutfit en bal.

Ook een folder van Bart Smit deed enige tijd geleden mijn tenen krullen. Onder een opschrift: ‘Zoals mama!’ stonden de paars en roze kind-versies van poetsgerief afgebeeld. Boodschap: mama’s/vrouwen poetsen, papa’s/mannen niet. De nieuwste Lego Friends is bewust in pastelkleurtjes gefabriceerd, de popjes hebben grotere gezichtjes en alles is 'eenvoudiger' gemaakt. De dozen bevatten gemiddeld ook veel minder bouwsteentjes dan de andere legobouwdozen. Ik denk niet dat meisjes – het doelpubliek van deze nieuwe lijn van Lego – meer moeite hebben met het puzzelen of bouwen. Ik vrees wel dat het nog teveel gemeengoed is dat meisjes hiervoor niet gestimuleerd moeten worden omdat het hen niet interesseert. Een denkfout met gevolgen.

Bepaalde stereotypen die we naar kinderen toe gebruiken, hebben wel degelijk een sterke kracht. Ze zijn overigens op veel meer vlakken aanwezig dan alleen bij speelgoed, denk aan kledij, de keuzes van sportactiviteiten (voetbal of dans?), het imago en de attitudes van personages in tv-programma’s, videoclips en films, de inrichting van de kinderkamer en ga zo maar door. Het ‘genderstereotiep speelgoed’ ziet er op zich vrij onschuldig uit. Toch mogen we niet onderschatten wat het effect ervan is op het gedrag van jonge mensen en de keuzes die ze als jongere en als volwassene zullen maken. Anderzijds denk ik dat oproepen om aan jongens poppen te geven en aan meisjes camions nooit zal werken. Het is ook te dwingend en ondoordacht, een beetje zoals ecologische attitudes te willen bijbrengen door iedereen te verplichten veganist te worden en alle verplaatsingen per fiets te doen. Zo werkt het niet.

Een betere strategie bestaat erin mensen te doen inzien dat alle kinderen voor veel diverse dingen warm kunnen gemaakt worden: er is speelgoed dat ruimtelijk inzicht en de fijne motoriek bevordert, er zijn eenvoudigere dingen om voor te 'zorgen' of om te knuffelen, een emotie die zowel jongens als meisjes ten goede komt. Ik voeg er meteen aan toe dat veel ouders die reageerden op de oproep van Hautekiet, al te kennen gaven dat ze niet zo schaapachtig meegingen in dat ‘genderbepaald’ speelgoed. Toch mikken de marketeers en de speelgoedindustrie in het geheel op de bevestiging van sterke stereotypen. Het verkoopt blijkbaar het best. De doorsnee consument geeft vaak het creatief en mechanisch speelgoed aan jongens, zoals auto’s, bouwdozen, lego, etc. De meest eenvoudige en minst avontuurlijke popjes zijn voor meisjes. Handelingen verrichten met die popjes vergt geen technisch of technologisch inzicht, behalve fictieve dialogen aanknopen en ze aan- en uitkleden, kun je er niks mee doen.

Jarenlang repetitief bezig zijn met een bepaald soort speelgoed lijkt me toch wel een conditionerend effect te hebben, naast het feit dat het blijk geeft van stereotiep denken van de ouders. Een blik op bepaalde statistieken volstaat: meisjes zijn ondervertegenwoordigd in technische, technologische en bepaalde wetenschappelijke afdelingen (zowel in secundair als hoger onderwijs, en op de arbeidsmarkt). Ze zijn echter disproportioneel oververtegenwoordigd in die zorgberoepen waar je mannen met een vergrootglas moet gaan zoeken. Hebben deze gigantische groepen mannen en vrouwen bewust hun beroep gekozen? Of werden veel mensen in een richting gestuwd door verwachtingen van hun omgeving en de samenleving?

Mijn conclusie is dat door de kracht van stereotypen waarmee we allen opgroeien (in speelgoed, media, reclame en grote delen van de samenleving) heel wat talenten en passies nooit de kans krijgen te ontluiken. Ze blijven onzichtbaar en onontgonnen. De studiekeuzebegeleiding in onze scholen is over het algemeen ook manifest genderstereotiep. En dat heeft allemaal een effect op andere segmenten van de samenleving, zoals bijvoorbeeld op de arbeidsmarkt en de functies die vrouwen bekleden. Bepaalde sectoren kampen met veel niet-ingevulde vacatures, maar door de ondervertegenwoordiging van een bepaald geslacht, boren ze slechts een half reservoir aan kandidaten aan. Veel potentieel blijft zo onderbenut.

Bovendien wordt van meisjes 'zacht en zorgzaam' gedrag verwacht. Vrouwen die niet altijd zacht spreken en lief kijken, riskeren in onze maatschappij snel bestempeld te worden als harde tantes, zuurpruimen of 'moeilijke mensen’. Er is al een evolutie ten goede achter de rug. Maar wat mij betreft zijn we nog niet van nefaste stereotypen en hun consequenties af. We zijn op weg. De laatste Disneyfilm Frozen is hoopgevend vanuit dit perspectief: de tekenfilm toont ons eindelijk een moderne, actieve prinses die zelf op pad gaat om een probleem aan te pakken, ze wacht niet op de prins, de mannelijke redder in nood. Meer van dat graag, want het is nodig. Niet dat je de Schone Slaapster mag verketteren, want dat zet geen zoden aan de dijk, maar ik zou graag meer ruimte zien voor diverse karakters, zonder steeds dezelfde roze clichés te moeten slikken.

Zonder breeddenkende en creatievere media en marketeers is de strijd tegen genderstereotypen quasi onbegonnen werk. Ook al bestaat er al jaren een Gelijke Kansenbeleid van de overheid, toch zal de verandering uit de samenleving moeten komen, van mondige burgers en kritische consumenten. Ik zal aan Sinterklaas eens uitleggen hoe leuk en boeiend wat meer girl power kan zijn.

Dit opiniestuk verscheen als column in de Liberales nieuwsbrief van 6 december 2013.