‘Over Victoriaanse trutten, hysterische mannenhaatsters en huppelkutjes’

Over Pol met de losse pollekes is ondertussen al veel inkt gevloeid, meer dan hij verdient. Dit wil niet zeggen dat over het onderwerp 'ongewenste intimiteiten' en 'grensoverschrijdend gedrag' alles gezegd is. De menselijke geest is ingewikkeld en zo ook deze problematiek. Woensdag werd ik met verstomming geslagen toen ik tijdens de plenaire zitting de vragen hoorde van collegae parlementsleden aan het adres van Ingrid Lieten, minister van Media. Twee impliciete verdedigingsredes voor arme mannen die nu door de collectieve Vlaamse media aan de schandpaal genageld werden. Twee expliciete aanvallen op de media en de vraag aan de minister om 'iets te doen' aan 'de sensatiezucht' die in dit verband optreedt bij de media. Er waren aanvullende 'waarschuwingen' van gelijke aard aan het adres van de media en de minister. De underdogs konden dus meteen op de sympathie rekenen van menig mannelijke volksvertegenwoordiger, 'experts' in media. Een bekende advocaat sprak eerder op 'Reyers Laat' over het feit dat het proces niet in de media moet gevoerd worden maar voor de rechtbank. Met andere woorden: media, soyez belles et taisez-vous! Ook op sociale media las ik reacties die uit de jaren '50 leken te komen, oa. deze: "Heimwee naar het Victoriaanse tijdperk, mevrouw? Alles was toen veiliger voor jullie, helemaal ingepakt van hals tot teen.", waarmee de verantwoordelijkheid voor ongewenst gedrag helemaal bij de zogenaamd halfnaakte vrouw wordt gelegd. De Taliban op zijn Europees dus.

Riooljournalistiek of maatschappelijke rol van de media?

Sommige parlementsleden (LDD, CD&V) waren dus niet opgezet met de aandacht van de media voor het probleem van de 'ongewenste intimiteiten en het machtsmisbruik', dat ze 'overigens' wel écht ontoelaatbaar vinden… LDD noemde de verslaggeving en de publicatie van opiniestukken onder meer riooljournalistiek en inquisitiejournalistiek, en verzocht de minister maatregelen te nemen. Sauwens (CD&V) insinueerde onder andere dat dergelijke beschuldigingen zoals ze nu in de media gebracht worden, ook om represailles kunnen gaan van vrouwen na hun ontslag (allo!?). Ook Open Vld, NVA en Groen riepen de media op tot minder sensatie en voorzichtigheid. Hun algemene conclusie was dat de pers hier de rol van rechter gespeeld had en dat ze Pol Van Den Driessche en Jos Ghysen veroordeeld hadden, wat onaanvaardbaar is. Veroordeeld, u leest het goed. Redelijk verbijsterd dacht ik: waar waren die heren (toevallig allemaal heren, jawel) toen Roger Vangheluwe dagelijks de headlines haalde? Waar zaten ze toen de parachutemoord de persen deed rollen? Ik kan me niet herinneren dat de media dergelijke aanvallen moesten incasseren toen Agusta of de milieuboxen van Theo Kelchtermans een hot item in de media waren. Als verslaggeving pas mogelijk wordt na een vonnis van een rechtbank, mogen de media zich voortaan wijden aan geschiedschrijving in plaats van aan actualiteit.

Zo kom ik bij de vraag: wat mag er nog in de krant? Houden niet alle opiniestukken immers een oordeel in? Uiteraard moet men bij de verslaggeving rekenen houden met mogelijke onschuld. Zouden de Vlaamse journalisten dat echt niet weten? Ik heb niet de indruk dat er een eenzijdige karaktermoord gepleegd werd. Wie Pol wilde verdedigen, kon de laatste dagen zijn ei ook kwijt in tal van kranten en op de VRT. De enen reduceren deze discussie tot een politiek spel, anderen zijn gelukkig dat ze hun verhaal en mening over de problematiek kwijt kunnen. Ten eerste is dit debat essentieel en het geval PVDD was natuurlijk de aanleiding, of hij nu politicus was of niet. Ten tweede ben ik er zeker van dat het nog steeds een positieve kant heeft dat men voor politici strenge (en redelijke en eerlijke) maatstaven hanteert. Mocht van iemand fraude ontdekt worden, doet hij / zij er toch ook goed aan om af treden als kandidaat burgemeester? Herinner u Kelchtermans en Delcroix. Hun politieke ster ging ook aan het tanen. Mensen die zich niet professioneel gedragen en niet omkunnen met de macht of de financiële middelen waarover ze door hun functie beschikken, zijn geen waardige bestuurders. Als je bedenkt dat ongewenste intimiteiten bij wet verboden zijn, dan mag je verwachten dat politici zich als eerste zullen houden aan die regels. Je mag dus echt wel hun capaciteiten als politicus in twijfel trekken. Zelf vind ik het goed dat de media dit thema nu bespreekbaar gemaakt heeft. Ik hoop vooral dat mensen die met seksuele intimidatie worden geconfronteerd nu assertiever durven te worden.

De lange stilte

Het 'toeval' (of niet?) wil dat ik onderhand ook ervaringsdeskundige ben op het vlak van seksuele intimidatie en ongewenste intimiteiten. Als studente, als assistente en als werkneemster heb ik mijn deel gehad. Vijf rare mannen, aan wie mei '68 en alle feministische golven onopgemerkt voorbij waren gegaan. Ik kan nu al een waar klootzakkenklassement opstellen. Een jolige man met normvervaging op de universiteit heb ik een halt toegeroepen door een grote mond op te zetten en op de handen te meppen. Doeltreffend. Als assistent heb ik de Decaan geschreven over onheus gedrag van een prof, met resultaat. Op mijn tweede job kreeg ik samen met een andere collega af te rekenen met een man die we nog altijd – onder ons – de 'Alien' noemen: manipulatie, handtastelijkheden, seksueel getinte opmerkingen, scheldtirades en tot slot ook bedreigingen. Nachtmerries en ontzettende stress als gevolg. Klacht ingediend. Hij is toen wat gekalmeerd, maar werkt nog steeds voor dezelfde baas, die het allemaal niet zo erg vond. Nog steeds heeft 'Alien' een functie waarin mensen voor hem werken. Tot slot nog twee varkens die ik zelf gewassen heb, zo goed als ik kon. Het laatste dossier is nog niet afgesloten wat mij betreft: in de administratie werden ik en andere collega’s herhaaldelijk seksueel geïntimideerd door hiërarchische oversten. Mijn klacht was tevergeefs. Tot zover de bescherming van de slachtoffers.

"Waarom komen de getuigenissen nu pas naar voor?", is een vraag die je frequent hoort, vooral bij degenen die twijfelen aan de juistheid van de getuigenissen. Het is de complexe mengeling van schuldgevoel, schaamte, angst een functie te verliezen, de vrees een klagende zuurpruim genoemd te worden en twijfel aan jezelf. De etiketten liggen klaar voor de vrouwen die hun probleem bekend maken of klacht indienen. Ik kreeg de volgende ronkende titels: West-Vlaamse non, zuurpruim, mannenhaatster, beetje hysterisch, drama queen, 'een moeilijke'. Dit laatste weegt het meest. 'Moeilijk', omdat ik me niet onder het vers vlees laat klasseren? Hoewel de klagers meteen pijnlijke etiketten opgeplakt krijgen, worden de feiten zelf wel gemakkelijker gerelativeerd. Het maakt de daders oppermachtig. Voor een groep hogeschoolstudenten de vrouwelijke stagiaires en nieuwe redactrices 'huppelkutje' noemen, Pol kwam ermee weg. Dit kan alleen maar omdat de studenten ook – één – niet mondig genoeg waren en – twee – niet inzagen dat dit een knap staaltje onverholen vrouwenhaat was van een kerel die beslist over het inkomen van heel wat mensen. Vaak hebben mannen met dergelijke 'grappen' ook de lachers op hun hand, waardoor anderen niet meer durven het seksisme aan te klagen.

Tips voor meiden! (en mannelijke slachtoffers)!

Liesbeth Van Impe schreef na het ontslag van Pol Van Den Driessche dat sommige vrouwen zich ten onrechte verantwoordelijk voelen en niet weten hoe ze 'correct' moeten reageren op de ongewenste intimiteiten en handtastelijkheden van mannen. Blijkbaar is dat zo, anders zouden de getuigenissen niet zo laat na de feiten pas opduiken. Het is ook niet gemakkelijk om 'correct' te reageren. Na al mijn ervaringen en de zeer efficiënte wenken van mijn psychotherapeut die mij doorheen de periode met 'Alien' geholpen heeft, kan ik wel een paar tips geven: 

  • Hou hen de spiegel voor bij dubbelzinnige, ongepaste opmerkingen of aanrakingen. De simpele vraag: "Hoe bedoelt u?" kan al wonderen doen, op voorwaarde dat je zeker bent van je stuk en de andere recht in de ogen kijkt met een blik van "was dat tegen mij?". "Was dat úw hand op mijn bil of wonen er gremlins onder uw bureau?" Bij de minst heftige types lukt dit. Ze menen het niet allemaal even slecht moet je weten. Sommigen hebben bovendien net het verstand om het snel bij een andere vrouw te proberen als hun haring niet braadt bij jou. Bij de Alien werkte dit niet, voor alle duidelijkheid.
  •  

  • Spreek kalm en beleefd. Zij zijn hun koelbloedigheid kwijt, jij niet. Je bent dubbel zo efficiënt als je niet gilt of trilt: je hebt het onder controle.
     
  • Neem je tijd, als je die even hebt. Als jonge of pas beginnende werkneemster een lunch of dineruitnodiging krijgen van de hoogste of veel hogere in rang is vanuit professioneel oogpunt niet te verklaren. De kans is groot dat je je geflatteerd voelt (de val waarin ik zelf getrapt ben), maar dan ben je naïef. Durf vragen waarover de lunch zal gaan. Heb je geen uitvlucht, wees dan vooral niet gezellig of lief tijdens de lunch. Mannen gaan ook niet werken om lief te zijn. Ze zijn professioneel, ‘they talk business’. Praat niet over je privéleven, maar over de artikels in De Tijd. Volgende keer mag je weer boterhammen eten.
     
  • De werkvloer is niet de Schengenzone: uw fysieke grenzen bestaan niet enkel in de fantasie van Sarkozy, ze zijn écht! Wanneer je doet alsof je een opmerking niet hoort of een hand niet voelt, heb je de andere geen duidelijk signaal gegeven over wat je van de toenaderingen vindt. Het eerste en meestal enige wat je met grensoverschrijdend gedrag kan doen als individu, is heel duidelijk je grenzen stellen. Verwijs vooral niet naar het lief of je echtgenoot. Tenzij het Vladimir Poetin of de baas van de Albanese maffia betreft, laat geen enkele obstinate billenknijper of vermeende casanova zich hierdoor tegenhouden. Vergeet niet dat ze zichzelf zo geweldig of zo belangrijk vinden dat ze veronderstellen dat jouw lief of man niet tegen hun charmes opweegt. Bovendien moet je voor jezelf opkomen. Het is jouw keuze om niet bepoteld te worden, niet deze van je lief. Het zijn jouw grenzen.
     
  • Gil en klop. Oefen 'balleketrap', want daar doet het zeer. Bij dronken mannen is dit de enige aanpak die helpt wanneer ze hun driften geen meester meer zijn. Dan valt er immers niet te praten. Op recepties – waar menig politicus van de drukte profiteert om eens lekker te graaien – helpt het ook om een glas over de hete brok zijn hoofd te gieten. Hou je glas bij, er lopen altijd kelners rond om het weer bij te vullen.
     
  • Op de werkvloer valt er niet met deze problemen te lachen, voor je het weet krijg je er zoveel stress van dat je werk en je gezondheid eronder lijden. Dien klacht in tegen belagers die jouw grenzen niet aanvaarden. Aarzel niet. Je vindt zelfs een nieuwe job als dat moet. Er is wetgeving waarop je je kan beroepen en er zijn officiële instanties die je kunnen helpen.

Niemand is onfeilbaar en er bestaan ook misverstanden. Mensen die onhandig aan hun gevoelens toegeven zijn ook geen misdadigers. Er bestaat dus geen ultieme oplossing voor het probleem. Maar één ding staat vast. Veel vrouwen zijn het slachtoffer van dergelijke praktijken, omdat hun belagers er gemakkelijk mee weg komen. Het is aan vrouwen om voor zichzelf op te komen, om in alle sereniteit op hun strepen te staan en een vrouwvriendelijk klimaat af te dwingen.

Dit opiniestuk verscheen op vrijdag 27 april 2012 in de nieuwsbrief van Liberales.