Hoe is het gesteld met het sanitair op de Vlaamse scholen?

Sanitair op school – stand van zaken

Ann Brusseel: "Het belang van goede en nette sanitaire voorzieningen in schoolgebouwen moet wellicht niet meer worden benadrukt. Scholen hebben een belangrijke ondersteunende rol in de hygiënische gewoontevorming van onze jongeren. In het kader van de volksgezondheid is het daarenboven van groot belang dat de schooltoiletten (toiletten, kranen, deurklinken) proper zijn en dat er voldoende toiletpapier, zeep en droge (hand)doekjes zijn.

Sanitair op school – stand van zaken

Ann Brusseel: "Het belang van goede en nette sanitaire voorzieningen in schoolgebouwen moet wellicht niet meer worden benadrukt. Scholen hebben een belangrijke ondersteunende rol in de hygiënische gewoontevorming van onze jongeren. In het kader van de volksgezondheid is het daarenboven van groot belang dat de schooltoiletten (toiletten, kranen, deurklinken) proper zijn en dat er voldoende toiletpapier, zeep en droge (hand)doekjes zijn.

Er zijn nog steeds veel kinderen die plasproblemen hebben omdat ze hun plas (moeten) ophouden (tot de speeltijd) of omdat ze geen gebruik willen maken van de schooltoiletten omdat ze ze te vies vinden of omdat ze onvoldoende privacy hebben. Het schooltoilet heeft bovendien nog al te vaak een kwalijke reputatie als plaats voor vandalisme, stiekem roken en pestgedrag. De staat van de schooltoiletten is dus een zeer gevoelig punt bij de leerlingen.

Ook het gebruik van (goed onderhouden en propere) douches na het sporten is van groot belang in het kader van lichamelijke hygiëne.
 

Ik ben er mij van bewust dat de sanitaire inrichting in de scholen in de eerste plaats de verantwoordelijkheid is van de inrichtende machten en de scholen zelf, maar dat bij onderwijsinspecties het schoolsanitair ook aandacht krijgt. Bij deze inspecties zal in eerste instantie worden gekeken of er volgens de geldende normen voldoende sanitair aanwezig is. In tweede orde bekijkt men de hygiëne."
 

Meten is weten?

Ann Brusseel: " Ik blijf nog steeds een beetje op mijn honger zitten. Het antwoord van minister Smet is vrij algemeen. In zijn antwoord stelt de minister dat de onderwijsinspectie slechts een marginale controle uitvoert met betrekking tot de voorwaarden op het gebied van hygiëne, veiligheid en bewoonbaarheid. Omdat het om een marginale controle gaat, wordt de ‘toilet-infrastructuur’ en de ‘douche-infrastructuur‘ niet gedetailleerd in kaart gebracht. Cijfermatige overzichten met daarin een opdeling per net, per schooltype, per provincie … zijn momenteel niet voorhanden. Dit staat in fel contrast met meten is weten."
 

Minister Smet stelt dat hoewel uitzonderingen ook op dit vlak de regel bevestigen, toch kan in algemene zin het volgende gesteld worden:

  • Over het algemeen is onze Vlaamse scholen, het sanitair voldoende hygiënisch.
  • De toiletten zijn in orde. Zij worden dagelijks gereinigd.
  • Er zijn aparte toiletten voor jongens en voor meisjes.
  • De toiletten zijn voorzien van voldoende toiletpapier.
  • In een groot aantal gevallen is er zeep voorradig en kunnen de leerlingen hun handen op een hygiënische manier wassen.
  • De douches zijn in orde en voldoende hygiënisch.

Inspectie

Vanaf dit schooljaar opteert de onderwijsinspectie voor een nieuwe werkwijze, conform Artikel 38, paragraaf 5 van het Kwaliteitsdecreet van 2009 waarin de inspectie een bijkomende controle kan vragen op vlak van hygiëne, veiligheid en bewoonbaarheid van gebouwen en lokalen. 

Volgens minister Smet leveren de doorlichtingsverslagen voldoende informatie om het beleid van scholen omtrent schoolsanitair te kunnen beoordelen. Deze verslagen worden op een website gepubliceerd en zijn dus voor iedereen toegankelijk, wat een stimulerend effect heeft op de scholen: ze zullen immers versterkte inspanningen leveren om de aspecten die minder goed beoordeeld werden, te verbeteren. De bevindingen van de onderwijsinspectie omtrent schoolsanitair en hygiëne zijn over het algemeen positief. De inspectie constateert een groeiende aandacht van scholen en schoolbesturen voor deze problematiek. Uiteraard zijn er nog een (klein) aantal minder goed functionerende instellingen. De opmerkingen in het doorlichtingsverslag worden altijd verder opgevolgd door de inspectie. De inspectie hanteert voor de marginale controle van de hygiëne op scholen een controlelijst die gebaseerd is op de bestaande wetgeving en decreten terzake ( o.a. KB 16/02/1982 art.93 en ARAB art.94 (6-7-8) ). Deze lijst vermeldt duidelijk de variabelen die gecontroleerd worden. 

Lees hier het volledig verslag van de schriftelijke vraag (SV 461) over de stand van zaken van het sanitair op de Vlaamse scholen.