Het belang van het kind is niet gediend met homofobie

Enkele weken geleden (26/03) ondervroeg ik in de commissie Welzijn van het Vlaams parlement, minister Jo Vandeurzen over het verzoek van de Turkse overheid en Turkse ouders om homoseksuele pleegouders te mijden bij de plaatsing van Turkse kinderen in de pleegzorg. De vzw Opvang had immers in De Morgen van 20 maart laten verstaan hierin geen enkel probleem te zien. De directeur van de vzw, dhr. Johan Vandersypt, gaf toe rekening te houden met culturele en religieuze ‘gevoeligheden’.

Enkele weken geleden (26/03) ondervroeg ik in de commissie Welzijn van het Vlaams parlement, minister Jo Vandeurzen over het verzoek van de Turkse overheid en Turkse ouders om homoseksuele pleegouders te mijden bij de plaatsing van Turkse kinderen in de pleegzorg. De vzw Opvang had immers in De Morgen van 20 maart laten verstaan hierin geen enkel probleem te zien. De directeur van de vzw, dhr. Johan Vandersypt, gaf toe rekening te houden met culturele en religieuze ‘gevoeligheden’.

Ook een vertegenwoordiger van Pleegzorg Vlaanderen gaf tijdens een radio-interview op Radio 1 te kennen dat ze met hun organisatie aan dergelijke eisen tegemoet komen. De minister wees me op het belang van het kind en de ‘morele ontwikkeling’, waaronder ook de religieuze beleving behoort. Verder stelde hij dat het belang van het kind pas gerespecteerd wordt, indien de vragen van de biologische ouders kunnen ingewilligd worden. Dit om de eventuele terugkeer van het kind naar de ouders niet te bemoeilijken. Hij vond overigens dat de houding van de vzw Opvang strookte met het Vlaams Gelijke Kansenbeleid. Ik dacht het niet.

Voor mij behoren homofobe eisen niet tot de gevoeligheden waar onze vzw’s, zorginstanties en andere instellingen moeten op ingaan. Wie denkt hierover een compromis te moeten sluiten, werkt mee aan het stigmatiseren en discrimineren van homoseksuelen. Het argument ‘belang van de morele ontwikkeling’ grenst aan het walgelijke. Ik zou durven stellen dat religieuze dogma’s zoals homohaat en de minderwaardigheid van vrouwen nefast zijn voor de morele ontwikkeling van kinderen. Trouwens, als we de rechten van holebi’s belangrijk vinden in onze samenleving, dan moeten we op onze strepen staan. Nu blijkt daarover binnen de Vlaamse regering wel een meningsverschil te bestaan. In antwoord op mijn vraag in de Commissie Gelijke Kansen (18/04) stelde Pascal Smet tot mijn opluchting ook letterlijk dat seksuele geaardheid geen criterium kan zijn in de pleegzorg, ook niet bij vrijwillige plaatsing. Hij voegde eraan toe dat het toegeven aan dergelijke eisen niet strookt met het Gelijke Kansenbeleid.

Het is dus pijnlijk dat de vzw Opvang de problematiek wel bevestigt. Erger nog is de volgende bevestiging van de officiële instantie Pleegzorg Vlaanderen. Op de website van deze laatste kan je over holebi-pleegouders de volgende opmerkelijke passage lezen: “De seksuele geaardheid van pleegouders is op zich geen criterium voor het pleegouderschap. De aard van de aangeboden relatie is dat wel: pleegouders bevinden zich in een min of meer stabiele periode in hun leven en zij kunnen in alle openheid samenwerken aan opvoeding. Ondanks het voorgaande kan het evenwel voorkomen dat ouders, of zelfs verwijzende instanties vragen stellen bij hun levenswijze als holebi, of bij vermeende pedagogische ongerijmdheden als eigenschap bij holebi‘s. Deze bedenkingen kunnen een beslissing tot plaatsing in het betreffend gezin in vraag stellen, zelfs wanneer ze op vooroordelen gestoeld zijn.” Deze laatste twee zinnen (vanaf ‘ondanks’) zijn onaanvaardbaar. Ook minister Smet stelde deze passage aan de kaak omwille van het stigmatiserend karakter ervan.

Wanneer de biologische ouders homoseksualiteit als een reden aangeven om de pleegzorg voor hun kind te weigeren, dan moeten de organisatoren van de pleegzorg die mensen pogen op andere ideeën te brengen. Het valt me in deze discussie wel op dat nog veel mensen de moed missen om onverschrokken de discriminatie en vooroordelen van holebi’s te veroordelen wanneer die uit allochtone hoek komt. Ik kreeg immers tijdens de bewuste commissievergaderingen tegenkanting van parlementsleden van SP.a en Groen!. Ik vraag me af waarvan men zo bang is? Denken de dames en heren van de vzw Opvang, Pleegzorg Vlaanderen, van CD&V, SP.a en Groen! dat bepaalde mensen te dom zijn om over seksuele geaardheid en opvoeding te discussiëren? Dat aan allochtone ouders minder eisen kunnen gesteld worden dan aan de autochtonen? Dit soort ‘goed bedoeld’ paternalisme impliceert anders ook wel een vooroordeel zo hoog als een huis.

Mij lijkt het verstandiger om mensen die een warm en veilig nest kunnen bieden aan kinderen te verdedigen. En het is onze collectieve plicht om de leugenachtige clichés omtrent hun geaardheid de wereld uit te helpen.

Deze column werd gepubliceerd in de Liberales nieuwsbrief  van 26 april 2013.