Erkenning buitenlandse diploma’ s versnelde procedure

NARIC-Vlaanderen behandelt de gelijkwaardigheden van buitenlandse diploma’s van aanvragers uit Vlaanderen en het Brussels Hoofdstedelijke gewest.

Bij een procedure voor academische gelijkwaardigheiderkenning van een buitenlands diploma hoger onderwijs wordt het advies van ten minste twee Vlaamse hogeronderwijsinstellingen over de academische waarde van het buitenlands diploma gevraagd, tenzij de opleiding slechts aan één instelling aangeboden wordt. De deskundigen van de instellingen hebben wettelijk 40 dagen de tijd om hun advies te verlenen.

NARIC-Vlaanderen behandelt de gelijkwaardigheden van buitenlandse diploma’s van aanvragers uit Vlaanderen en het Brussels Hoofdstedelijke gewest.

Bij een procedure voor academische gelijkwaardigheiderkenning van een buitenlands diploma hoger onderwijs wordt het advies van ten minste twee Vlaamse hogeronderwijsinstellingen over de academische waarde van het buitenlands diploma gevraagd, tenzij de opleiding slechts aan één instelling aangeboden wordt. De deskundigen van de instellingen hebben wettelijk 40 dagen de tijd om hun advies te verlenen.

Indien de gemotiveerde adviezen overwegend positief zijn en de administrateur-generaal is dezelfde mening toegedaan, dan wordt de volledige erkenning verleend onder de vorm van een ministerieel gelijkwaardigheidbesluit. Op basis hiervan heeft de houder van een buitenlands diploma dezelfde rechten als de houder van het gelijkwaardig Vlaamse diploma.

Indien de gemotiveerde adviezen overwegend negatief zijn en de administrateur-generaal is dezelfde mening toegedaan, dan wordt de aanvrager officieel op de hoogte gebracht waarom de erkenning niet verleend wordt. De aanvrager dient dan op eigen initiatief één van de hogeronderwijsinstellingen in de Vlaamse Gemeenschap te raadplegen om de gedeeltelijke gelijkwaardigheid aan te vragen. De betrokken instelling duidt dan de opleidingsonderdelen aan die nog gevolgd moeten worden om het gewenste Vlaamse diploma te behalen, eventueel rekening houdende met de EVC’s (elders of eerder verworven competenties) en EVK’ s (elders of eerder verworven kwalificaties).

Indien al twee soortgelijke aanvragen onderzocht zijn kan NARIC-Vlaanderen een derde aanvraag overeenkomstig afhandelen, zonder voorafgaand advies van de Vlaamse hogeronderwijsinstellingen.

Ann Brusseel: “Het is uiteraard positief dat diploma’s niet zomaar gelijkgesteld worden en dat dit ten gronde wordt onderzocht, maar de huidige procedure neemt 3 maanden in beslag, wat toch erg lang is. Op mijn vraag of er geen mogelijkheid bestaat om deze procedure te versnellen antwoordde de Minister dat er momenteel een interne evaluatie-oefening loopt bij NARIC Vlaanderen met het oog op een reorganisatie van de procedures om tot een snellere en efficiëntere dossierafhandeling te komen. Ook in het kader van onderwijsdecreet XXI wordt het verlenen van algemene gelijkwaardigheden nog eens duidelijk gekaderd op alle onderwijs niveaus. Tevens wordt de mogelijkheid gecreëerd om de niveaugelijkwaardigheid als procedure beter uit te bouwen. Dit zal ertoe leiden dat de afhandeling van erkenningsaanvragen op termijn sneller zal gebeuren. Ik kan dit alleen maar toejuichen!”

Lees hier het volledig verslag van deze parlementaire vraag (SV 351).