Een toekomstblik: Brussel anno 2040 – Brussel: ‘The City that never sleeps’

Een toekomstblik – Brussel anno 2040 – The City that never sleeps.

Een toekomstblik – Brussel anno 2040 – The City that never sleeps.

In de jaren '80 zat New York in het slop. Werkloosheid en drugs in de getto's, maar ook veiligheidsproblemen buiten de beruchte wijken. Vandaag is 'the big apple' veruit één van de hipste en meest bruisende steden van de planeet. Ik liep 's nachts al door Manhattan zonder mij één minuut op mijn ongemak te voelen. Op geen enkel moment ergerde ik mij aan afval of inciviek gedrag. Harlem en de Bronx zijn het nieuwe cool. New York heeft bruggen geslagen tussen de wijken. En mensen maken er vlotjes de oversteek.

Dat is mijn Brussel van de toekomst. Weg stadskankers op de gemeentegrenzen van Molenbeek, Anderlecht en Stad Brussel! Het noord- en zuidstation zijn dynamische kernen van hun wijk, in plaats van een kloof. Alle parken en tuinen van de stad zijn verbonden met groene stroken. Fietsbruggen steken de verkeersassen over. De moderne kunstroute verbindt de musea en de galerijen van de Vijfhoek met het museum aan het kanaal, om slingerend langs Wiels te eindigen in een beeldenpark in het Zoniënwoud. De oude hangars in Kuregem zijn ateliers van jonge kunstenaars. Brussel is het mekka van de wereldreizigers die van hedendaagse kunst houden.

Dankzij een actief integratiebeleid zijn ook bruggen tussen de gemeenschappen een feit: Brussel verenigt, want onze inwoners komen van overal. En dat betekent nu ook van overal uit Vlaanderen, want de hoofdstad is nu een aantrekkingspool voor al het jonge geweld. Ook in onderwijs slaan we de brug. De ketjes zitten samen op school, welke taal ze thuis ook spreken. Onze drietalige universiteit is de grootste van het land. Door meer budget vrij te maken voor onderzoek, telt Brussel steeds meer innovatieve bedrijfjes. Uitvinders komen naar hier. Dat is onze troef. Werk is er voor iedereen, ook in de honderden horecazaken, winkels en kantoren. Brussel is de stad die nooit slaapt!

 

Ann Brusseel