Dierlijke verkeersslachtoffers – preventie

Schriftelijke vraag n° 957 aan minister Hilde Crevits (Vlaams minister mobiliteit en openbare werken)

Dierlijke verkeersslachtoffers – Preventie

Op 29/06/2010 ondervroeg ik Joke Schauvliege, Vlaams minister van Leefmilieu, Natuur en Cultuur over het aantal doodgereden dieren op Vlaamse wegen (vraag om uitleg nr. 2201).

Schriftelijke vraag n° 957 aan minister Hilde Crevits (Vlaams minister mobiliteit en openbare werken)

Dierlijke verkeersslachtoffers – Preventie

Op 29/06/2010 ondervroeg ik Joke Schauvliege, Vlaams minister van Leefmilieu, Natuur en Cultuur over het aantal doodgereden dieren op Vlaamse wegen (vraag om uitleg nr. 2201).

In haar antwoord stelde de minister dat het departement Leefmilieu, Natuur en Energie (dienst NTMB) en het Agentschap voor Natuur en Bos samenwerkte met het Agentschap Wegen en Verkeer om initiatieven te nemen die het versnipperende effect van de wegen en het verkeer milderen. In deze verwees de minister Schauvliege ook naar de “Strategie voor ontsnippering van Vlaamse gewestwegen”.

Ik heb hierover bijkomende vragen aan de minister bevoegd voor Mobiliteit en Openbare Werken.

  1. In welke mate wordt er bij de planning van de aanleg of de heraanleg van Vlaamse gewestwegen rekening gehouden met ontsnipperingsmaatregelen teneinde het aantal doodgereden dieren op onze wegen te verminderen?

    Aan projecten voor de aanleg van nieuwe wegen gaat steeds een ganse onderzoeksprocedure vooraf. Voor de discipline Fauna en Flora worden in een MER milderende maatregelen voorgeschreven. Deze omvatten meestal de integratie van ontsnipperende infrastructuur.

    Voor de aanleg van nieuwe wegen zonder MER-procedure gaat eveneens een uitgebreide onderzoeksprocedure vooraf. Voor het onderdeel natuur verleent de cel Natuur en Milieu van het eigen agentschap een ‘Advies Natuurtechniek’. Een dergelijk advies wordt ook gegeven bij andere wegenprojecten. Er wordt dus steeds onderzocht wat de mogelijkheden zijn voor ontsnippering.
     

  2. Worden er bijkomende financiële middelen voorzien om concrete maatregelen te nemen om het aantal dierlijke verkeersslachtoffers op onze wegen te verminderen?

    Zo ja, om welk budget gaat het?

    Zo neen, waarom niet?

    Elk jaar wordt er per provinciale afdeling van het Agentschap Wegen en Verkeer (AWV) een budget op het investeringsprogramma voorzien. Hiervan kunnen kleine ingrepen, zoals kleine ecokokers of een beperkt stukje geleidingsraster, worden uitgevoerd. Grotere projecten voor het oplossen van zeer concrete knelpunten (bvb de ecoducten) worden apart en met een concreet budget op het programma voorzien. In totaal gaat het over een gemiddeld budget van 1,8 miljoen euro per jaar.

    Voor maatregelen die geïntegreerd worden uitgevoerd in een regulier wegenproject, worden de nodige budgetten mee opgenomen in de totale projectkost.
     

  3. Worden er samenwerkingsverbanden opgezet met de provinciale en of lokale overheden om het aantal doodgereden dieren op onze Vlaamse wegen te verminderen? Zo ja, op welke manier? Zo neen, waarom niet?

    Voor de uitvoering van enkele grote projecten, zoals o.a. de ecoducten aan de Mechelse Heide en in het Meerdaalwoud, werd samengewerkt met het departement Leefmilieu, Natuur en Energie.

    Voor de ontsnipperingsmaatregelen over de E19/HSL ten noorden van Antwerpen werd samengewerkt met Infrabel.

    Een nieuw gepland project op de grens over de E34 wordt uitgevoerd in samenwerking met de Nederlandse provincie Noord-Brabant.

    Deze projecten houden ook een financiële samenwerking in.

    In de rand van deze grote projecten vindt regelmatig overleg plaats met lokale overheden, provinciebesturen, de Vlaamse Landmaatschappij en Regionale Landschappen.

    Voor de uitvoering van lokale projecten verstrekt AWV vooral technische informatie en advies.

    De financiering van gemeentelijke projecten verloopt via de Samenwerkingsovereenkomst met de Vlaamse Overheid.