Buitenlands Beleid: bespreking begroting en beleidsbrief 2010-2011

1. Algemeen Buitenlands Beleid

1.1.2. Tussenkomst van mevrouw Ann Brusseel

1. Algemeen Buitenlands Beleid

1.1.2. Tussenkomst van mevrouw Ann Brusseel
Mevrouw Ann Brusseel laat opmerken dat, naar aanleiding van malversaties die vorig jaar aan het licht kwamen bij het Vlaams Huis in New York, een grondige doorlichting van de Vlaamse diplomatieke vertegenwoordigingen in het buitenland was gevraagd en toegezegd. Dat Vlaams Huis in New York werd ondertussen omgevormd tot een reguliere Vertegenwoordiging van de Vlaamse Regering. Blijkens de toelichting bij de begroting zijn daartoe inmiddels nog twee adjuncten van de directeur en één administratieve medewerker in dienst genomen. Ondertussen werd overigens ook de audit van het Vlaamse kantorennetwerk gegund, maar daarbij blijkt het, luidens de beleidsbrief (pagina’s 66-67), hoofdzakelijk om financiële audits te gaan. Zulks is ongetwijfeld nuttig, maar haars inziens is er nog veel meer nood aan een degelijke politieke evaluatie van de impact die het Vlaams buitenlands netwerk sorteert in verhouding tot de middelen die eraan worden besteed. Er moet meer bepaald worden nagegaan of de buitenlandse vertegenwoordigers van de Vlaamse Regering al dan niet in afdoende mate hebben bijgedragen tot het uitdragen van het beleid van de Vlaamse Regering in de landen waar ze gestationeerd zijn. Zulks moet toelaten om desgevallend de zaken af te bouwen, dan wel op te voeren. Hetzelfde geldt overigens voor de rapportage, die blijkbaar uitgebreider moet. Het is haar, bij gebrek aan een grondige doorlichting, in elk geval niet duidelijk waarop die beslissing gebaseerd is. Mogelijks is men tot die conclusie gekomen aan de hand van bevindingen van de sector, maar mogelijks is men ook louter op een buikgevoel afgegaan.

Nog volgens de beleidsbrief heeft in 2009-2010 een evaluatie van het Flanders Center in Osaka plaatsgevonden. Dienaangaande wordt gesteld dat in een nieuwe meerjarige samenwerkingsovereenkomst nieuwe accenten zullen worden gelegd om de werking verder te optimaliseren. Dat lijkt mevrouw Brusseel een goede zaak te zijn, maar ze had wel graag vernomen over welke accenten het precies gaat. Werd het bestaan van het Flanders Center zelf overigens wel in vraag gesteld? En maakt dit Flanders Center Osaka ook mee het voorwerp uit van de financiële audit van het buitenlands netwerk die de komende drie jaar zal plaatsvinden?

Met betrekking tot het Vlaams-Europees Verbindingsagentschap (vleva) valt in de beleidsbrief te lezen dat er een nieuwe samenwerkingsovereenkomst zal moeten worden gesloten, die vleva duidelijker moet positioneren als complementair bij de Vlaamse Vertegenwoordiging bij de Permanente Vertegenwoordiging van België bij de Europese Unie. A contrario redenerend vraagt mevrouw Brusseel zich af of ze daaruit moet concluderen dat vleva zich misschien net iets te veel op het terrein van die Vlaamse Vertegenwoordiging heeft begeven. Bestaat daar mogelijks een overlapping? Aangezien uit de toelichting bij de begroting (pagina 26) blijkt dat vleva nogal wat steun blijft ontvangen van de Vlaamse Regering, had mevrouw Brusseel hierover graag wat meer duidelijkheid gekregen.

Verslag bespreking beleidsbrief Buitenlands Beleid, Internationaal Ondernemen en Ontwikkelingssamenwerking 2010 – 2011

Beleidsbrief Buitenlands Beleid, Internationaal Ondernemen en Ontwikkelingssamenwerking 2010-2011