Ann Brusseel stelt schoolvakanties op basis van religie in vraag

Naar aanleiding van een discussie over de regeling van verlofdagen voor moslimleerlingen wil ik een ruimer debat voeren over de vakantieregeling in ons onderwijs.

Naar aanleiding van een discussie over de regeling van verlofdagen voor moslimleerlingen wil ik een ruimer debat voeren over de vakantieregeling in ons onderwijs.

Momenteel is het zo dat leerlingen op bepaalde religieuze feestdagen gewettigd afwezig kunnen zijn. Het gaat om feestdagen van godsdiensten die erkend zijn door de Belgische Grondwet. Dat zijn de katholieke, de orthodoxe, de protestantse, de anglicaanse, de joodse en de islamitische godsdienst. Voor de katholieke, protestantse en anglicaanse leerlingen vallen deze samen met de vakantieperiodes, voor de andere erkende religies gaat het om extra verlofdagen.

We leven in een multiculturele samenleving waar we geconfronteerd worden met diverse geloofsovertuigingen. Dat hoeft absoluut geen probleem te zijn, maar we moeten onze samenleving wel op een praktische manier kunnen organiseren. Als elke groep wil thuisblijven op de eigen religieuze feestdagen – getuige hiervan de vraag van de Interculturele Rondetafels – wordt de organisatie van arbeidsmarkt en onderwijs serieus bemoeilijkt.

De overheid moet zich echter neutraal opstellen en een rationele vakantieregeling uitwerken in functie van de nood aan rust van de leerlingen. Nu schuiven vakanties mee met de religieuze kalender(s), terwijl kinderen om de zoveel weken echt behoefte hebben aan een pauze. Zo kan de winter wel eens lang duren als Pasen laat valt. Ten tweede moeten we ons de vraag stellen of extra vakantiedagen voor een deel van de leerlingen in het belang zijn van de kinderen. Allochtone kinderen hebben nu al meer te maken met schoolse problemen zoals leerachterstand, zittenblijven, schooluitval. Is het dan niet onze taak om ervoor te zorgen dat zij zo min mogelijk lesdagen missen om welke reden dan ook? Sommige scholen liggen nu stil door grote aantallen afwezige leerlingen op de feestdagen.

Ik vind dan ook dat het tijd wordt dat we hierover een open debat durven aangaan en aandacht moet hebben voor wat pedagogisch verantwoord is. Tijdens de discussie in de Commissie Onderwijs liet minister Smet geen visie over de materie kennen. Hij hoopt alleen dat er een akkoord komt tussen de Marokkaanse en de Turkse gemeenschap over de datum van het Offerfeest. Dit is een beetje flauw als antwoord, niet alleen voor de schapen, maar vooral voor de leerlingen.