Ann Brusseel & Irina De Knop: Onderwijsminister Smet maakt bocht en erkent capaciteitsprobleem

Ann Brusseel en Irina De Knop vragen dat Pascal Smet meer doet dan het aanpassen van regels en ook extra middelen vrijmaakt voor bijkomende scholeninfrastructuur.

Ann Brusseel en Irina De Knop vragen dat Pascal Smet meer doet dan het aanpassen van regels en ook extra middelen vrijmaakt voor bijkomende scholeninfrastructuur.

Onderwijsminister Smet heeft er lang over gedaan om tot dit inzicht te komen. Tijdens het actualiteitsdebat van 24 februari was hij er nog stellig van overtuigd dat het probleem niet het gebrek aan capaciteit was in de stedelijke scholen, maar wel het gebrekkig functioneren van de nieuwe aanmeldingsprocedure. Vandaag heeft Smet zijn bocht genomen. “Het opheffen van de kilometerregel, net als de mogelijkheid om meteen scholen op te richten in nieuwe woonkernen, zijn inderdaad noodzakelijk als we snelle werk willen maken van nieuwe scholen”, zegt Irina De Knop.

“Toch is er meer nodig. Smet moet ook extra middelen voorzien om de infrastructuur van die nieuwe scholen te financieren”, aldus Irina De Knop die erop aandringt dat de steden zelf de regierol in handen krijgen. “Laat steden Gent, Antwerpen en Brussel hun prioriteiten bepalen en laat ze ook zelf beschikken over de middelen. Zo krijgen we snel terug vaart in de scholenbouw. Anders dreigen we achterop te geraken, net zoals dat vandaag al het geval is voor de scholenbouw via PPS-financiering die nu al meer dan een jaar vertraging heeft opgelopen. De Vlaamse regering moet ten alle prijze vermijden dat het met de noodzakelijke capaciteitsuitbreiding dezelfde weg opgaat.”

Ann Brusseel vind het vreemd dat de Vlaamse onderwijsminister nog niet overtuigd is dat de capaciteitsuitbreiding in Brussel in dezelfde mate nodig is dan in de andere steden. Smet wil in Brussel enkel een gerichte capaciteitsuitbreiding realiseren zodat vooral in wijken waar voldoende Nederlandstaligen wonen een voldoende groot aanbod is.

Irina De Knop: “Smet hoopt daarmee de hete aardappel in het bord van de Franstaligen te leggen, maar dat zou wel eens als een boemerang kunnen terugkomen. Hij gaat voorbij aan de realiteit waarbij ook nu al veel Brusselaars – vooral Frans- en anderstaligen – naar de rand trekken om er school te lopen. Bepaalde scholen in Halle, Vilvoorde, Zaventem, Dilbeek en Wemmel hebben nu al te maken met een instroom van 50% Frans- en anderstaligen. Door het Brusselse capaciteitsprobleem onvoldoende aan te pakken, organiseert hij gewoon een capaciteitsprobleem in de Vlaamse Rand. En daar zal hij er zich niet kunnen van afmaken met het argument dat het zijn probleem niet is.” 

Bijlage Artikel De Morgen

Bijlage Artikel De Standaard