Actualiteitsdebat witte en zwarte scholen en het beleid inzake gelijke onderwijskansen

Mevrouw Ann Brusseel: Voorzitter, minister, collega’s, de kernvraag van dit debat is of we sociale segregatie zullen aanvaarden of niet. Op de radio, minister, liet u verstaan dit niet te willen aanvaarden, en daarover is onze fractie zeer blij.

Mevrouw Ann Brusseel: Voorzitter, minister, collega’s, de kernvraag van dit debat is of we sociale segregatie zullen aanvaarden of niet. Op de radio, minister, liet u verstaan dit niet te willen aanvaarden, en daarover is onze fractie zeer blij.

Collega’s Vanderpoorten, De Knop, Moerman en ikzelf hebben in de commissie ook al laten verstaan dat het GOK-beleid ons nog altijd ter harte gaat en dat wij vanuit de oppositie constructief willen meewerken aan de evaluatie en het verder richting geven aan het gelijkeonderwijskansenbeleid.

De reacties op de problematiek van het CDA, het Vlaamse katholieke onderwijs en anderen lijken op het eerste gezicht redelijk, maar het is een gemakkelijkheidsoplossing om een moeilijk probleem uit de weg te gaan. Natuurlijk is kwaliteit belangrijk, natuurlijk gaat het over de lesinhoud en niet over de kleur van de leerlingen. Maar vergis u niet. Laat u niet kisten, minister, door deze schijnbaar logische argumenten, want de vergelijking met Nederland gaat niet op. Wij hebben in Vlaanderen meerdere netten, die onder andere een concurrentiestrijd leveren die niet met gelijke middelen wordt gevoerd.

Voor 2002, voor wie niet zou begrijpen waarover ik het heb, werden kinderen geweerd uit elitescholen. Sommige mensen willen daar misschien naar terug, maar wij niet. Voor ons blijft de sociale mix een waarde op zich, minister.

Ik wil er evenwel drie kanttekeningen bij maken. Het is niet altijd gemakkelijk te realiseren. Het zal niet evident zijn om in een school in een sociaal of cultureel getto autochtone of allochtone leerlingen bij te plaatsen. We gaan ze ’s morgens niet van de ene wijk naar de andere wijk vervoeren om aan een systeem van quota te voldoen. Dat zou te gek zijn. Daarom heb ik u al aangeraden om te gaan praten met uw collega’s van Wonen, Cultuur en Jeugd. Als je wilt werken aan een sociale mix op school, moet je een maatschappij hebben die in zijn geheel een mix verdraagt, waar in wijken mensen van verschillende achtergronden wonen en waar voldoende cultuurbeleving en sociale activiteiten zijn om iedereen een aangenaam leven in die samenleving te kunnen bieden. Daar moet ook aandacht voor zijn. Daar gaat men vaak veel te snel over.

Ten tweede is de sociale mix misschien niet het meest prioritaire doel van de onderwijsverstrekking. We zijn het er allen over eens dat de kwaliteit van onderwijs een conditio sine qua non is. Je doet op school kennis op, maar – dat hebben sommige collega’s hier ontkend – er moet op school ook worden voorbereid op een samenleving. Je moet aan kinderen de boodschap geven – ik zie aan de collega naast mij dat hij niet zo geïnteresseerd is in die boodschap – dat alle kinderen gelijk zijn. Collega’s, welke boodschap geef je aan je kinderen? Als je hen ’s morgens zegt: jij gaat niet naar de school in onze buurt want die bruine kindjes zijn net goed genoeg om buurjongen te zijn maar niet om naast je te zitten in je klas, welke boodschap geef je dan aan je kinderen? Over die vraag moeten we ons wel eens buigen.

Minister, een derde kanttekening is dat het niet kan zijn dat je een sociale mix op een kunstmatige manier zou moeten bewerkstelligen door bijvoorbeeld percentages op te leggen van een minimumaanwezigheid, zoals al is besproken in de commissie Onderwijs met betrekking tot de aanwezigheid van Nederlandstaligen in de Brusselse scholen. Minister, hoe gaan we die mix realiseren als de GOK-criteria er niet automatisch toe leiden? Moeten we lang wachten op de evaluatie van het GOK-beleid of kan het snel gaan? Een collega vermeldde het al: ‘School in zicht’ doet fantastisch werk. Kunnen we ons meer enten op die ervaring om nu al problemen op te lossen?

Om af te ronden heb ik nog een belangrijkere vraag voor u, minister, en voor ons allen: welke pedagogische middelen en werkwijzen zullen we aanwenden om les te geven op maat van de leerlingen? Daar ligt onze taak voor de toekomst: iedereen optillen, de GOK-leerlingen en de niet-GOK-leerlingen. De GOK-middelen moeten aangewend worden, niet voor infrastructuur of comfort voor de leerkrachten, maar van de leerlingen. Daarom wil ik jullie nog snel het voorbeeld geven mevrouw Karin Heremans in Antwerpen die een voortreffelijke aanwending biedt van de GOK-middelen: kleine klasjes, een uitgewerkt taalbeleid op schoolniveau, extra uren Nederlands, taalgericht vakonderwijs, schakelklassen en differentiatiemodules. Dat is de manier waarop we voor onze kinderen kwalitatief onderwijs moeten bieden. Ik hoop dat we daar samen werk van kunnen maken. (Applaus bij Open Vld en Groen!)

De heer Filip Dewinter: Mevrouw, ik heb naar u geluisterd. Ik wil mijn zakdoek wel bovenhalen wanneer u hier een pleidooi houdt voor de arme bruine kindjes die wel als buurjongen mogen fungeren voor de rijke witte kindjes maar niet samen met hen op school mogen zitten. Voor mij niet gelaten, maar we kunnen misschien eens de proef op de som nemen. Doe eens een klein onderzoek in de fractie van de liberale parlementsleden in het Vlaams Parlement en de federale Kamer en Senaat. Ga eens na hoeveel van die liberale parlementsleden hun kindjes, blijkbaar allemaal witte kindjes, naar die concentratiescholen sturen.

Ik wil u nog een bos bloemen geven ook als zou blijken dat u meer dan één liberaal parlementslid vindt dat zijn kinderen in dat experimentele verhaal van u doet stappen. Ik denk dat er geen een is. (Applaus bij het Vlaams Belang)

Mevrouw Ann Brusseel: U vergist zich, mijnheer Dewinter. Ik zal u de klasfoto’s laten zien van de kinderen van mijn collega Gatz, van mijn collega Ampe, van de kleinkinderen van mevrouw Vanderpoorten. (Opmerkingen)

Spijtig genoeg heb ik zelf geen kindjes. Anders zou ik u van hen ook klasfoto’s kunnen geven. Moet u nog een zakdoek hebben ook? (Applaus bij de meerderheid, Open Vld en Groen!)

Lees hier het volledig verslag van het actualiteitsdebat over de problematiek van de zogenaamde witte en zwarte scholen en de resultaten van het beleid inzake gelijke onderwijskansen.

U kunt hier de uitzending van Villa Politica van woensdag 9 februari 2011 opnieuw bekijken.